Die Freiheit stirbt Zentimeterweise

Geschreven op 3 juli 2015
Verscheen ook in Aktief, het magazine van het Masereelfonds

burger opstaand2

Het vigerende discours over veiligheid en de recente maatregelen die daarmee gepaard gaan om allerlei vormen van contestatie en protest te beperken, moeten niet alleen aanleiding geven tot reflectie, debat en discussie. Actie is ook nodig. Dat is de mening van Peter terryn die sinds begin april op de Grote Markt te Antwerpen als Burger Opstaand heeft post gevat “tot de regering valt en de democratie is hersteld”.

Een ambitieus programma ingegeven door de massale arrestaties tijdens de sit-in van Movement X op 25 maart en door andere maatregelen die het Antwerpse stadsbestuur heeft uitgevaardigd of toegepast.

Cinema voor de galerij

De door Abou Jahjah georganiseerde sit-in was een reactie op de als racistisch ervaren uitspraken van burgemeester Bart De Wever. Het vreedzame protest was weliswaar niet aangevraagd, maar verliep probleemloos tot de opgekomen burgers werden omsingeld, bij elkaar gedreven en afgevoerd naar de politieschool op de Luchtbal.De arrestaties en bijhorende gemeentelijke administratieve sancties leidden tot kritiek en verontwaardiging bij sommigen, maar de grote massa keek veeleer goedkeurend toe. ‘De wet is de wet en die geldt voor iedereen‘. Bovendien, zo wordt geopperd, leven we in gevaarlijke tijden en die verantwoorden uitzonderlijke maatregelen.
Het doet wat denken aan Revenge of the Sith, de derde episode van de Star Wars saga. De door zichzelf aangestelde Emperor declameert in de Senaat:

‘In order to ensure our security and continuing stability, the Republic will be reorganized into the first Galactic Empire, for a safe and secure society which I assure you will last for ten thousand years.’

Waarop Nathalie Portman als koningin Padmé Amidala verzucht:

‘So this is how liberty dies… with thunderous applause.’

De repressieve reactie van De Wever was geen première: hij had op 2 maart een Pegidabetoging verboden. De manifestanten werden niet gearresteerd, maar kregen wel een GAS-boete aangesmeerd. Ter linkerzijde gingen voorafgaand een aantal stemmen op om die betoging inderdaad te verbieden omdat de standpunten van Pegida geen mening, maar een misdrijf zijn. Ze hadden er echter niet bij stilgestaan dat een verbod aan de ene kant enkele weken later ook op hen van toepassing zou kunnen zijn. Met hetzelfde veiligheidsdiscours als argument.

 

Daags voor de sit-in van Movement X manifesteerde de ACOD op het Astridplein in Antwerpen. Zij mochten betogen als vooraf werd meegedeeld wie zou spreken, wat er zou gezegd worden en welke slogans er geroepen zouden worden. Er mocht geen “opruiende taal” gebruikt worden en ACOD-voorzitster Chris Reniers zou als inrichter persoonlijk verantwoordelijk worden gesteld voor alle eventuele schade.

Het moge duidelijk zijn: dergelijke beperkingen zijn in tegenspraak met onze fundamentele rechten en vrijheden en ze gaan in tegen uitspraken van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. Dat Hof erkent weliswaar dat voorafgaande kennisgeving in functie van veiligheid en openbare orde gevraagd kan worden, maar dat die er nooit toe mag leiden dat de vrijheid van meningsuiting feitelijk beperkt wordt. De ACOD legde daarom klacht neer bij de provincie en Movement X riep op tot verzet tegen de gemeentelijke administratieve sancties.

 

Het zal De Wever (wellicht) worst wezen. Een uitspraak door provincie of rechtbank kan nog een tijdje op zich laten wachten en indien die voor hem negatief uitvalt, zal hij er – naar eigen zeggen – in de toekomst rekening mee houden. Het zijn holle woorden en dat is natuurlijk de bedoeling; de maatregelen dienen geenszins de veiligheid of de openbare orde, maar de eigen achterban.

Ze dienen het veiligheidsdiscours en de sfeer van angst die de N-VA en De Wever bewust creëren. Het discours over Syriëstrijders, Arabische muziek die ‘plots’ klonk op oudejaarsnacht, verhoogde veiligheidsdreiging, soldaten in de straten, enzovoort.

Dat ook dat laatste door de Liga en Vrede vzw juridisch wordt aangevochten, beroert De Wever niet. Het is cinema voor de galerij zoals Ico Maly dat in ‘N-VA. Analyse van een politieke ideologie’ schetste en zoals Bleri Lleshi in ‘De neoliberale strafstaat‘ analyseerde. Het is geen kwestie van juridisch of politiek gelijk hebben of halen, maar van het paaien van de achterban.

Het hoofdpersonage in V for Vendetta merkt terecht op:

‘Where once you had the freedom to object, to think and speak as you saw fit, you now have censors and systems of surveillance coercing your conformity and soliciting your submission. How did this happen? Who’s to blame? Well certainly there are those more responsible than others, and they will be held accountable, but again truth be told, if you’re looking for the guilty, you need only look into a mirror. I know why you did it. I know you were afraid. Who wouldn’t be? War, terror, disease. There were a myriad of problems which conspired to corrupt your reason and rob you of your common sense.’

 

Niks nieuws onder de zon

 

Er wordt in deze niet onterecht op De Wever geschoten, maar te zijner verdediging haalt de man zelf aan dat geen van de maatregelen nieuw zijn, dat hij de wetten niet heeft uitgevonden en dat het evenmin de eerste keer is dat ze worden gebruikt.
Dat is ook zo. Gemeentelijke administratieve sancties zijn niet nieuw en worden door de meerderheidspartijen en door sommigen in de oppositie gesteund. Wie de afgelopen jaren in het Brusselse wilde deelnemen aan de Rave Party, wie mee opstapte bij het Banket der Rijken, wie zonder papieren opkwam voor zijn rechten, aanwezig was bij de actie van Alliantie D19-20 tegen het TTIP, protesteerde tegen het vluchtelingenbeleid of aan andere spontane, vreedzame acties heeft deelgenomen, kent de naam Vandersmissen. Deze politiecommissaris maakt er een gewoonte van zelf op de eerste rij te staan als er met pepperspray wordt gespoten en de matrak wordt bovengehaald. Hij heeft herhaaldelijk opdracht gegeven over te gaan tot omsingeling en massale arrestaties, waarbij de actievoerders werden afgevoerd naar de kazerne te Etterbeek. Gemeentelijke administratieve sancties kreeg men er quasi standaard bij.

Ook in het Antwerpen van Patrick Janssen en Leona Detiège werden jongeren die met de fiets kruispunten blokkeerden hardhandig aangepakt, ging de politie over tot arrestaties van Occupy Antwerpen of werden betogingen zoals die tegen de NAVO-bombardementen in voormalig Joegoslavië verboden. Dat verbod werd door het toenmalige anti-oorlogscomité aangevochten en door de rechtbank naar de prullenmand verwezen. De argumentatie van de rechtbank klonk als volgt: ‘overwegende dat eiseres haar vordering steunt op het grondwettelijk recht van vrijheid van meningsuiting, vereniging en vergadering, overwegende dat het logisch is dat het recht op manifestatie een individueel recht is dat collectief wordt beleefd en overwegende dat de weigering in casu een uitholling van het recht van betoging inhoudt’.

In 2002 verbood Leona Detiège een betoging voor een rechtvaardige vrede in Palestina. Bij een protestactie tegen dat betogingsverbod werden op de Grote Markt tientallen mensen gearresteerd, waaronder Dyab Abou Jahjah van de toenmalige Arabisch-Europese Liga. Er is inderdaad weinig nieuws onder de zon.
Ook De Wever is niet aan zijn proefstuk toe: in 2013 liet hij tachtig manifestanten arresteren die tegen Monsanto wilden betogen, nauwelijks acht dagen na zijn aantreden vaardigde hij een samenscholingsverbod uit voor een betoging die niet eens was gepland en iedereen herinnert zich de roep om inzet van het leger tegen de foorkramers nadat zij de Singel hadden bezet. Andere voorbeelden zijn mogelijk, maar we beperken ons tot het voorbeeld van de vakbondsleden die met hun rood of groen hesje geen pint mochten drinken op de Grote Markt.

 

Het is opmerkelijk dat De Wever niet altijd optreedt tegen niet aangekondigde betogingen. Toen 2000 RAFC-fans urenlang op de Grote Markt steun voor hun ploeg eisten, werd geen politie ingezet. Ook niet toen de manifestanten de mascotte van Beerschot in brand staken. En evenmin was De Wever verontwaardigd toen hijzelf op de avond van de verkiezingen van oktober 2012 spontaan en met gevolg opstapte in zijn Mars naar het stadhuis. Een mars die dermate spontaan was dat ze een half jaar eerder werd besproken en georganiseerd; zonder toelating aan te vragen.

Het gaat Bart De Wever met andere woorden niet om de correcte toepassing van de wet of het principe, maar om de politieke bruikbaarheid van zijn uitspraken en beleidsdaden. En hoewel noch de wetgeving noch de maatregelen nieuw zijn, worden ze op een andere manier toegepast. Met name wanneer het gaat om kritiek of protest tegen zijn beleid, dat van zijn regeringen of zijn partij. Als men wil betogen of actievoeren tegen beleidsmaatregelen op stedelijk of federaal niveau – maatregelen die door N-VA voorzitter De Wever gesteund worden – legt De Wever beperkende voorwaarden op. Dat is onaanvaardbaar.

 

Wat te doen?

 

De vakbonden stappen naar het Grondwettelijk Hof waar ze de gemeentelijke administratieve sancties aanvechten, ACOD protesteert bij de provincie tegen de opgelegde beperkingen, Movement X trekt voor een nieuwe sit-in naar Brussel en vraagt toelating voor een betoging op de Groenplaats. 500 vakbondsleden trokken voor een betoging op 4 april onaangekondigd naar de Grote Markt in Antwerpen en niet naar Mechelen. Ze werden niet gehinderd of gearresteerd.

 

En sinds begin april is er dus ook Burger Opstaand, waarbij burgers elke woensdag op de Grote Markt opstaan. Niet meer dan dat. Het initiatief kreeg navolging in Brugge, Brussel, Charleroi, Gent, Geraardsbergen, Halle, Hamme, Hasselt, Leuven, Mechelen, Namen en Oostende.

Het lijkt er op dat De Wever bakzeil haalt of zich in ieder geval tempert. Alsof hij zelf vindt dat hij te ver is gegaan. Als dat het geval is, dan wellicht omdat hij het politiek opportuun vindt. Want daarover gaat het natuurlijk: het is een politiek spel dat in grote mate draait om framing, het bewust en uitgekiend gebruik van taal en beelden om een specifieke boodschap te communiceren waarvan men weet dat de doelgroep er vatbaar voor is. De indruk die gewekt wordt en de impliciete boodschap is belangrijker dan wat expliciet gezegd of getoond wordt. De politicus speelt in op wat zijn (potentiële) kiezers graag zien en horen, ook al strookt de boodschap maar half met de waarheid.

Ook voor tegenstanders van de praktische of juridische hindernissen en beperkingen op het recht op vrije meningsuiting is het van belang om aan framing te doen. Het gaat namelijk niet alleen om wat we aan politici of instellingen vragen, maar meer om wat we eisen en verdedigen. Zoals de vrijheid om op openbare plaatsen samen te komen en daar onze mening kenbaar te maken.
Het in Antwerpen gestarte Burger Opstaand speelt daarop in. Er wordt ostentatief geen toelating gevraagd en er wordt geen rekening gehouden met wat de burgemeester of de politie daarover te zeggen hebben. Het is, zoals de initiële tekst zegt, een burger opstaand. Die burger heeft daarvoor geen toestemming nodig, de publieke ruimte dient daar namelijk voor. Om aan arrestaties en gemeentelijke administratieve sancties te ontsnappen, brengt die opstaande burger geen spandoek mee, deelt hij geen pamfletten uit, zwaait hij niet met een vlag en roept hij geen slogans. In die zin gaat het niet om een actie, sit-in, betoging of manifestatie. En aangezien men volgens de richtlijn twee meter afstand houdt, kan er strikt juridisch zelfs geen sprake zijn van een samenscholing.

Dat bleek al toen ik bij mijn eerste actie vervoegd werd door een 150-tal andere burgers en de politie in burger me aansprak als organisator van het evenement. “Er is geen evenement en ik ben er niet de organisator van,” zei ik, “ik sta hier alleen.” Toen de politie me er opmerkzaam op maakte dat de Grote Markt vol stond, keek ik over mijn schouder en repliceerde “maar ik stond hier eerst.”

Op de vraag van de agenten wat de bedoeling was, zei ik: “hier staan.” En toen ze wilden weten voor hoelang, antwoordde ik “tot de regering valt. Maar ik zal tussenin natuurlijk wel eens naar het toilet moeten en iets eten.”

 

Het kan op absurd theater lijken en in zekere zin is het dat ook, theater met een dadaïstische en Situationistische insteek. Maar het is ook bittere ernst omdat Bart De Wever zoal geen kwantitatief dan toch een kwalitatief verschil maakt. En omdat de actie aantoont dat een burger niet om zijn rechten moet vragen, maar die moet opeisen door te doen wat zij of hij vindt dat er gedaan moet worden, zonder daarbij rekening te houden met betwistbare reglementen van burgemeesters die tegen de fundamentele rechten en vrijheden ingaan.

Want de omstandigheden kunnen een paradigmashift inluiden waarbij we niet meer op straat komen om deze of gene politieke of economische eis kracht bij te zetten, maar ertoe verplicht worden om het loutere recht op politieke en economische eisen op straat te kunnen verdedigen. Zoals in Spanje waar de Wet voor Publieke Veiligheid megaboetes voorziet van 30.000 euro tot 600.000 euro voor wie een gebouw bezet, onaangekondigd een protestmars of sit-in organiseert of eraan denkt politie(geweld) te filmen.

 

Actievoeren wordt dan een vorm van metapolitiek die vraagt om metapolitieke antwoorden. Het antwoord van de burger hoort in dat geval de repliek te zijn die een betoger in Brussel gaf toen zij ervan werd beschuldigd met een niet aangevraagde actie een publiek plein te bezetten: “nous sommes le public”. Of in meer algemene zin: “Wir sind das Volk”. We vergeten dat nogal eens.

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

w

Connecting to %s